zaterdag 6 oktober 2018

Nog bloeiend in de herfstzon.



Nu dat prachtige, lage, gouden herfstlicht over de laatste bloeiende planten heen strijkt, ga ik mij toch verzoenen met dit seizoen.
We worden verwend met een aantal zonnige, warme dagen en dat maakt het afscheid van deze bijzondere zomer wat makkelijker.

Mijn twee meter hoge Fuchsia magellanica var. Molinea was na de late stevige vorstperiode in het vroege voorjaar bovengronds afgestorven. Vandaar dat de plant zich moest herstellen en de bloei pas na de langdurige droogteperiode goed op gang kwam: zie bovenste foto.

De Geranium “rozanne”is de laatste jaren heel populair, omdat ze intens blauw bloeit vanaf mei tot november. De plant hoeft niet teruggesnoeid worden, ze bloeit maar door. Ze blijft ook wat losser, wanneer je de plant niet terugknipt. Trekt ook bijen aan, zie hieronder:


De Persicaria’s zijn nog steeds erg mooi, het lijkt wel alsof ze er na de langverwachte regens pas echt plezier in kregen. Dat zie je trouwens bij veel meer planten na de langdurige droogteperiode: het lijkt wel of ze denken dat er een nieuw seizoen is begonnen.
Hieronder Persicaria amplexicaulis:


En de zich steeds meer uitbreidende groep Persicaria amplexicaulis”Pink Mist”, op de voorgrond de uitgebloeide bloeiwijzen van de Acanthus. Beide planten hebben de droogte zeer goed doorstaan:


En eindelijk lijken de donkerrode knotjes van de Sanguisorba officinalis bij mij aan te slaan. Hopelijk breiden ze zich de komende jaren flink uit, Ik vind ze prachtig:


Een andere witte Sanguisorba soort geeft me ook altijd veel kijkplezier, de Sanguisorba canadensis:


En tenslotte de bessen van Cotoneaster horizontalis, de dwergmispel, die dit jaar wel uitzonderlijk rijk draagt:



maandag 24 september 2018

Wordt dat nog wat met mijn permacultuurheuvel?


Toen ik half april mijn permacultuurheuvel opbouwde volgens de principes van de Hügelkultur ( zie voor uitleg hier) dacht ik dat de heuvel snel weelderig begroeid zou zijn. Ik had nogal wat moestuinzaden gezaaid van allerlei aard: vol verwachting!
Maar wie rekende er nu op het vrijwel totaal uitblijven van regenval en hoge temperaturen met vrijwel permanente zonneschijn. Er gebeurde gewoon niets op die heuvel. Slechts de brave hendrik, de bloedzuring, de aardbei en de jonge arctische braampjes bleven met een regelmatige watergift in leven. De bulgaarse uitjes gingen in winterslaap en het zaad leek helemaal niet op te komen. Voorgezaaide plantjes waren de volgende dag verdwenen: dankbaar geconsumeerd door een paar slakken die ‘s nachts uit de gaten in de takkenheuvel kwamen kruipen.
Al snel besloot ik de heuvel af te dekken met plantaardig materiaal als bescherming van de grond tegen complete uitdroging.



Toen in augustus de storm hier kort woedde en o.a. mijn scheefhangende hoge lijsterbes moest worden gekapt, liep de heuvel wel enige schade op door het afvoeren van de bebladerde takken: de mulchlaag was verdwenen.


Uiteraard gaf ik de moed niet op en plantte een laagblijvende blauwe bes, wat roomse kervel, een oxaalzuurarme rabarberplant, wat wilde marjolein, wat zaailingen van st. janskruid en witte malva.


De regen ging vallen en een aantal planten kwamen zienderogen bij. Het is verbazend dat gestadige natuurlijke regenval de planten zichtbaar doet groeien, terwijl watergiften tijdens de hitte de planten maar nét in leven houden. De verdamping was te groot voor de planten om het bij te houden.
De heuvel had ook problemen met het wegzakken van de grond in de ruimte’s tussen de stammen en de takken, die de basis van de heuvel vormden.
De ervaring van blogster Cin, die ook met de Hügelkultur experimenteerde, was, dat woelmuizen de ruimten in de heuvel als ideale nestplaats beschouwden. Hier vinden de slakken heerlijk koele schuilplaatsen in de gaten.


Gelukkig had ik geen wespenkoninginnen, die een uitgebreid nest gingen maken in de krochten onderin de heuvel. Want er was vorig voorjaar wel een nest gemaakt in mijn Hügelkultur-teil op het andere terras. Ik heb in april en mei zelfs een tijdje watjes met kruidnagelolie op de heuvel neergelegd om deze dames af te schrikken: ik ben toch eigenlijk gek ook…
Al met al was het dus aanvankelijk niks met dit project.
Maar volgend jaar: dan zullen we eens wat zien, de voortekenen zijn nu al aanwezig!




zaterdag 25 augustus 2018

Omgewaaide bomen, helaas!



Laat in de stormachtige avond van donderdag 9 augustus hoorde ik een flinke krak in de tuin gevolgd door een glijdend geluid. Ik sprong uit bed en zag niets verontrustends in de donkere tuin, maar vroeg me wel af of ik altijd al de lantaarns in de straat achter ons zo goed kon zien.
Een inspectietocht door de tuin de volgende ochtend leverde twee verrassingen op.
Aan onze zuidwestelijke grens bleek één van de stammen van de hoog opgegroeide driestammige vederesdoorn laag bij de grond afgeknapt. De zwaar bebladerde stam lag gedeeltelijk op het dak van onze schuur, onze pergola en over de sloot heen op de schutting van de overbuurman.


Aan de noordwestkant in de hoek bij de grens bleek een deel van onze eveneens driestammige hoge lijsterbes bij de basis geknapt. Deze lag scheef tegen de conifeer geleund. De overige twee stammen helden over in de richting van het huis van de zijburen.


Hier paste een telefoontje naar onze hovenier. Die beloofde de maandag erna meteen te komen.
En zo stonden maandagmorgen 13 augustus vroeg twee van zijn mannen voor de deur, die de zaak uitgebreid bekeken. De overgebleven stammen van de vederesdoorn bleken instabiel geworden na het omvallen van de eerste stam. De twee overhellende stammen van de lijsterbes vormden duidelijk een gevaar voor de buren. Het was duidelijk, de zware hakselaarmachine moest gehaald worden en men was twee en halve dag bezig om zes hoge stammen te verwijderen en onderliggende schade aan struiken en geboomte bij te werken.
Gelukkig bleek de dak van de schuur slechts één gebroken pan te hebben, die we uit voorraad konden aanvullen. 


De schutting van de buurman had geen schade opgelopen. Onze pergola wiebelde wél aan een kant, zodat daar een steun werd aangebracht.


Een deel van de schade zal waarschijnlijk door de opstalverzekering worden gedekt.

Maar wat jammer: de genoemde bomen zorgden ervoor dat we visueel volledig vrij zaten ten opzichte van de buitenwereld. Inderdaad kan ik vanuit de eerste verdieping de buurhuizen en straten weer zien achter het huis. 
Oude situatie:


Nieuwe situatie:

  
De vederesdoorn was wel geen schoonheid als boom, maar had wel een hoog en dicht bladerdak.
Oude situatie (vanuit raam):


Nieuwe situatie, (je ziet ook goed hoe de Metasequoia geleden heeft onder de droogte):


Op de lijsterbes was ik erg gesteld. In het voorjaar een zee van witte bloesem en in de zomer rood van de bessen. Hij stond nu ook prachtig vol in de bessen, ik vind in de tuin overal de restanten.


Mijn buurvrouw verwenste de lijsterbes al jaren: de bloesem en de bessen vielen in haar tuin en dat was vies. Ze was opgetogen dat de boom moest wijken.
Hier wordt de lijsterbes geveld:


Ik heb nu alleen nog maar een paar bonsai-achtige lijsterbessen in pot.

Het heeft even geduurd voordat ik mentaal in staat was hiervan verslag uit te brengen. Elke boom minder in de tuin vind ik een verlies. Er worden al zo veel bomen gekapt in onze omgeving, en dat is niet uit noodzaak. Ik heb hier écht een kleine vogelenclave en dat komt omdat hier veel dichte struwelen zijn / waren.
We zullen bekijken hoe we weer wat struweel kunnen doen groeien op de vrijgevallen kale plekken. Struweel dat niet zo enorm hoog opgroeit, vanwege de gevoeligheid voor de westerstormen en de gevoeligheid van de buurvrouw.

Gelukkig valt de zichtdichtheid mee, als je in de tuin bent. 

Oude situatie vanuit de tuin:


Nu vanuit de tuin:


Het had veel erger gekund.
Het went en ik ben al weer bezig met de plantenkeuze.
Ook is de bollencatalogus weer in huis: niets leuker dan weer vooruit te denken.



vrijdag 3 augustus 2018

Bezoek aan de door Piet Oudolf ontworpen Vlinderhof.


Al een aantal jaren was het mijn wens om de door Piet Oudolf in 2014 ontworpen Vlinderhof te bezoeken. Afgelopen woensdag was het zover.
Deze tuin is een onderdeel van het Máximapark, dat ligt in het noordwesten van de gemeente Utrecht. Wij parkeerden ongeveer ter hoogte van Parkzichtlaan 128 ( voer in de navigatie de plaatsnaam Utrecht in!) en liepen langs de grote, met klimop, wilde wingerd en blauwe regen begroeide hoge muren binnen 10 minuten naar de Vlinderhof.



Het is aan te raden een plattegrond af te drukken vanuit de website, die nog veel meer info geeft over deze tuin, inclusief plantenlijsten.
Zonder verder commentaar geef ik hier een fotografische rondwandeling door deze prachtige tuin.

Het was warm en zonnig weer en op het hoogtepunt van deze droge, hete zomer. Onmiskenbaar wordt de tuin goed van water voorzien, de nog zichtbare aarde langs de randen was zwart en vochtig.













De steeds trugkerende hoge bossen met grote witte bloemen zijn een speciale soort leverkruid, koninginnenkruid: Eupatorium maculatum "Snowball".

Meer bloggers berichten de laatste weken over hun bezoeken aan tuinen van Piet Oudolf.
Zie: Het Bloeiende Buitenleven; ook over de Vlinderhof en Natuurlijk-rijk over Piet Oudolfs privétuin.


woensdag 25 juli 2018

Hittestress en zonnevreugde bij mijn tuinplanten.



Het is nu overduidelijk welke planten in de tuin lijden onder hittestress, na maanden geen of nauwelijks regenwater te hebben gehad. Op sommige plaatsen is de toestand desolaat, op andere plekken zijn er planten die er nog steeds fris bijstaan.
Planten met hittestress laten in eerste instantie alleen het blad hangen, wanneer ze pal in de zon staan, zoals de phloxen hieronder.


Dat is normaal en een beschermingsmechanisme. Wanneer het blad in de avond en nacht niet bijtrekt, ‘s morgens dus nog steeds hangt, dan heeft de plant écht watertekort.
Je kunt ervoor kiezen, hem dan eens per week (of toch vaker bij deze intense hitte) flink water te geven. Dat is beter dan elke dag een beetje, je wilt dat de plant diep wortelt en leert het water diep weg te halen: zo kan hij het best tegen de droogte.
Ik ga wel dagelijks met de sproeier langs mijn potplanten, die kunnen immers niet diep wortelen.
Het is geen doen een wat grotere tuin te besproeien, ik geef alleen water aan planten, waarvan ik het verwelken niet kan aanzien, selectief sproeibeleid dus.
Ik vraag me wel af wat er met de planten gebeurt, die nu volledig uitgedroogd raken. Dat zijn oppervlakkig wortelende planten, zoals tuingeraniums, astilbes, herfstastertjes, heide enz.


Als je deze nu niet meer zo nu en dan wat water geeft, verdroogt en sterft dan het wortelgestel, zodat de plant ook ondergronds sterft? Dat zou een groot verlies betekenen in onze tuinen.


Hier voer ik toch wel een halfslachtig beleid. Om de drie dagen op een paar plekjes een gieter water erover heen, de rest gaat er dan misschien aan.



Het meest triest ziet de fluweelhortensia ( Hydrangea aspera) eruit. Ondanks om de paar dagen een flinke scheut water laat hij het blad permanent hangen. Ik geef niet op, want als de wortels uitdrogen ben ik hem kwijt:


Een aantal planten lijken dit weer vol vreugde te begroeten. Zonder watergiften tot nu toe juichen de pluimpapavers (Macleaya, zie vorige blog), de kaardenbollen:


de vlinderstruiken: 


de sterke Acanthus:


De schitterende pollen Eupatoria (koninginnekruid, leverkruid), een wilde plant, die miskend wordt in de tuin, omdat hij zou woekeren. Hij zaait zich ook uit, maar dat trek ik weg, waar ik dat niet wil.
De plant is sterk, bloeit fantastisch, trekt massa’s bijen, vlinders en andere insecten aan. 



Zelf vind ik de wilde soort met de zachte leverkleur mooier van kleur dan de gecultiveerde witte, die eveneens veel insecten aantrekt:


De Chinese Judasboom (Cercis chinensis "Avondale") handhaaft zich zeer goed zonder watergift, het mooie blad blijft prachtig. Met het groepje esculaapui ( Allium sativum ophioscorodum) ervoor, een kattenstaart erachter blijft het een aanvaardbaar hoekje.


Moeilijker krijgen de Veronicastrums het nu. Ze zijn zo mooi, met de fijne torentjes, dat groepje krijgt ook zo nu en dan wat water.


Verbazing voel ik altijd bij de droogteresistentie van de kattenstaart (Lythrum salicaria), die toch bekend staat als een moerasplant. Hij zaait zich hier uit op vrij droge plekjes en weerstaat de droogte heel redelijk.
Echt mooi staat hij langs de rand van de vijver, waar hij al jaren steeds meer uitdijt. Een pracht plant die een massa insecten aantrekt:


De waterstand van die folievijver van zo’n 2 bij 3 meter ging een aantal malen te sterk naar beneden. Ik heb vanaf het voorjaar drie maal de waterslang een uurtje erin gelegd om flink bij te vullen. De planten langs de rand van de vijver waren er dankbaar voor. Ik merkte ook dat de laag eendenkroos op de waterspiegel de verdamping sterk reduceerde.


Ieder, die de zorg heeft voor buitenvegetatie, vraagt zich af hoe het verder zal gaan deze zomer. De hitte bereikt de komende dagen een hoogtepunt, echte afkoeling en een einde aan de droogte is nog niet in zicht. Mogelijk hier en daar een onweersbui.
We wachten met spanning af wat de gevolgen zullen zijn op het planten- en dierenleven van deze uitzonderlijke zomer.
Ook wij mensen zullen een balans moeten zien te vinden tussen hittestress en zonnevreugde ;-)
Ik ben zelf ambivalent, want ik weet ook hoe ik naar zonnewarmte kan verlangen tijdens een lange winter.