vrijdag 3 augustus 2018

Bezoek aan de door Piet Oudolf ontworpen Vlinderhof.


Al een aantal jaren was het mijn wens om de door Piet Oudolf in 2014 ontworpen Vlinderhof te bezoeken. Afgelopen woensdag was het zover.
Deze tuin is een onderdeel van het Máximapark, dat ligt in het noordwesten van de gemeente Utrecht. Wij parkeerden ongeveer ter hoogte van Parkzichtlaan 128 ( voer in de navigatie de plaatsnaam Utrecht in!) en liepen langs de grote, met klimop, wilde wingerd en blauwe regen begroeide hoge muren binnen 10 minuten naar de Vlinderhof.



Het is aan te raden een plattegrond af te drukken vanuit de website, die nog veel meer info geeft over deze tuin, inclusief plantenlijsten.
Zonder verder commentaar geef ik hier een fotografische rondwandeling door deze prachtige tuin.

Het was warm en zonnig weer en op het hoogtepunt van deze droge, hete zomer. Onmiskenbaar wordt de tuin goed van water voorzien, de nog zichtbare aarde langs de randen was zwart en vochtig.













De steeds trugkerende hoge bossen met grote witte bloemen zijn een speciale soort leverkruid, koninginnenkruid: Eupatorium maculatum "Snowball".

Meer bloggers berichten de laatste weken over hun bezoeken aan tuinen van Piet Oudolf.
Zie: Het Bloeiende Buitenleven; ook over de Vlinderhof en Natuurlijk-rijk over Piet Oudolfs privétuin.


woensdag 25 juli 2018

Hittestress en zonnevreugde bij mijn tuinplanten.



Het is nu overduidelijk welke planten in de tuin lijden onder hittestress, na maanden geen of nauwelijks regenwater te hebben gehad. Op sommige plaatsen is de toestand desolaat, op andere plekken zijn er planten die er nog steeds fris bijstaan.
Planten met hittestress laten in eerste instantie alleen het blad hangen, wanneer ze pal in de zon staan, zoals de phloxen hieronder.


Dat is normaal en een beschermingsmechanisme. Wanneer het blad in de avond en nacht niet bijtrekt, ‘s morgens dus nog steeds hangt, dan heeft de plant écht watertekort.
Je kunt ervoor kiezen, hem dan eens per week (of toch vaker bij deze intense hitte) flink water te geven. Dat is beter dan elke dag een beetje, je wilt dat de plant diep wortelt en leert het water diep weg te halen: zo kan hij het best tegen de droogte.
Ik ga wel dagelijks met de sproeier langs mijn potplanten, die kunnen immers niet diep wortelen.
Het is geen doen een wat grotere tuin te besproeien, ik geef alleen water aan planten, waarvan ik het verwelken niet kan aanzien, selectief sproeibeleid dus.
Ik vraag me wel af wat er met de planten gebeurt, die nu volledig uitgedroogd raken. Dat zijn oppervlakkig wortelende planten, zoals tuingeraniums, astilbes, herfstastertjes, heide enz.


Als je deze nu niet meer zo nu en dan wat water geeft, verdroogt en sterft dan het wortelgestel, zodat de plant ook ondergronds sterft? Dat zou een groot verlies betekenen in onze tuinen.


Hier voer ik toch wel een halfslachtig beleid. Om de drie dagen op een paar plekjes een gieter water erover heen, de rest gaat er dan misschien aan.



Het meest triest ziet de fluweelhortensia ( Hydrangea aspera) eruit. Ondanks om de paar dagen een flinke scheut water laat hij het blad permanent hangen. Ik geef niet op, want als de wortels uitdrogen ben ik hem kwijt:


Een aantal planten lijken dit weer vol vreugde te begroeten. Zonder watergiften tot nu toe juichen de pluimpapavers (Macleaya, zie vorige blog), de kaardenbollen:


de vlinderstruiken: 


de sterke Acanthus:


De schitterende pollen Eupatoria (koninginnekruid, leverkruid), een wilde plant, die miskend wordt in de tuin, omdat hij zou woekeren. Hij zaait zich ook uit, maar dat trek ik weg, waar ik dat niet wil.
De plant is sterk, bloeit fantastisch, trekt massa’s bijen, vlinders en andere insecten aan. 



Zelf vind ik de wilde soort met de zachte leverkleur mooier van kleur dan de gecultiveerde witte, die eveneens veel insecten aantrekt:


De Chinese Judasboom (Cercis chinensis "Avondale") handhaaft zich zeer goed zonder watergift, het mooie blad blijft prachtig. Met het groepje esculaapui ( Allium sativum ophioscorodum) ervoor, een kattenstaart erachter blijft het een aanvaardbaar hoekje.


Moeilijker krijgen de Veronicastrums het nu. Ze zijn zo mooi, met de fijne torentjes, dat groepje krijgt ook zo nu en dan wat water.


Verbazing voel ik altijd bij de droogteresistentie van de kattenstaart (Lythrum salicaria), die toch bekend staat als een moerasplant. Hij zaait zich hier uit op vrij droge plekjes en weerstaat de droogte heel redelijk.
Echt mooi staat hij langs de rand van de vijver, waar hij al jaren steeds meer uitdijt. Een pracht plant die een massa insecten aantrekt:


De waterstand van die folievijver van zo’n 2 bij 3 meter ging een aantal malen te sterk naar beneden. Ik heb vanaf het voorjaar drie maal de waterslang een uurtje erin gelegd om flink bij te vullen. De planten langs de rand van de vijver waren er dankbaar voor. Ik merkte ook dat de laag eendenkroos op de waterspiegel de verdamping sterk reduceerde.


Ieder, die de zorg heeft voor buitenvegetatie, vraagt zich af hoe het verder zal gaan deze zomer. De hitte bereikt de komende dagen een hoogtepunt, echte afkoeling en een einde aan de droogte is nog niet in zicht. Mogelijk hier en daar een onweersbui.
We wachten met spanning af wat de gevolgen zullen zijn op het planten- en dierenleven van deze uitzonderlijke zomer.
Ook wij mensen zullen een balans moeten zien te vinden tussen hittestress en zonnevreugde ;-)
Ik ben zelf ambivalent, want ik weet ook hoe ik naar zonnewarmte kan verlangen tijdens een lange winter.


zondag 8 juli 2018

Mijn top 5 mooiste bladvormen in de tuin.


Voordat de droogte ook hier op de veengrond écht gaat toeslaan ben ik de tuin doorgelopen om de mooiste bladeren te fotograferen: mijn top 5.
Voorop gaat het schitterende grijsgroene blad van de pluimpapaver( Macleaya cordata):


Men durft de soms manshoge overblijvende plant vaak niet aan te planten omdat hij zou woekeren. Hier blijft het groepje (zie eerste foto bovenaan) goed zijn plaats kennen. Tot nu toe doorstaan ze de droogte goed zonder bijsproeien.

Sproeien doe ik alleen bij mijn potplanten en bij sommige zielige gevallen, waarvan ik het verdorren écht niet kan aanzien. Pas vanaf nu hoort daar ook mijn tweede favoriet bij: 
de fluweelhortensia ( Hydrangea aspera):


De plant gedijt het best in halfschaduw, kan wel 2,5 meter hoog worden en is redelijk droogte resistent. Dat kun wel zien aan het mooie, grote, behaarde fluweelachtige blad.


Ik vind het een soort oerplant en als de grote grijsachtig paarse bloemen zich gaan ontwikkelen is het een aandachttrekker.

Op de derde plaats het bijzondere blad van de Ginkgo biloba, een sterke boom die wordt beschouwd als een levend fossiel, omdat hij verwant is aan een van de oudste boomsoorten die leefden in de tijd van de dinosauriërs. De boom is geen loofboom en geen naaldboom, maar zit er tussenin. Kijk maar eens naar het bijzonder gevormde blad:


De boom kan zeer groot worden, wordt geregeld door gemeentes aangeplant omdat hij tolerant is voor stedelijke omstandigheden. Ik heb hem al jaren in een grotere pot, waarin ik hem als een soort bonsai vertroetel.

Als vierde komt het prachtige, grote blad van een Rodgersia. De plant staat er al een jaar of vier, maar komt heel langzaam aan de groei. Voor het eerst heeft hij dit jaar vier bladeren. Hij mag om mij wel wat hoger worden:


Als vijfde noem ik de mooie, stevige, niervormige bladeren van de Chinese Judasboom (Cercis chinensis "Avondale"). Een langzaam groeiende heester die roodpaars bloeit op het naakte hout in het vroege voorjaar.
De warme herfst van het vorige jaar had hem in de war gebracht. Hij vergat de herfstkleur aan te nemen en begon alvast te bloeien.
Van de schrik was er dit vroege voorjaar maar een beperkte bloei. Ook was er enige topschade door de late vorst. De plant heeft zich gelukkig goed hersteld, hij zit weer prachtig in het blad:


Iedere tuinliefhebber kijkt met angst en beven naar de planten. Ook al sproeide je de afgelopen jaren zelden, zodat je planten niet verwend zijn en diep zijn gaan wortelen, er ontstaan nu wel problemen. Wie op zandgrond en op klei tuiniert, ziet de planten uitdrogen.
Op veengrond heb je baat bij de sponswerking van het veen, waardoor de grond lang het vocht vasthoudt. Ik merk dat hier goed, een aantal planten gaan nu pas kwijnen.
Als het langer duurt laten de planten het blad vallen en gaan al in de herfststand. Om zichzelf te redden. Dat is geen fijn gezicht voor de tuinier.
Toch maar terughoudend en uiterst selectief sproeien en je grond zoveel mogelijk bedekt houden (mulchen), zodat er minimaal verdamping optreedt.



zaterdag 23 juni 2018

Teken in mijn tuin: dat vereist strengere preventie.

teek in mijn teen

Nadat ik vorig jaar in mei en juni al 9 tekenbeten had opgelopen in mijn eigen tuin, besloot ik mijzelf een strengere tekenpreventie op te leggen.

Mijn score de afgelopen 22 jaar in de tuin ligt tussen de 100 en 110 genoteerde tekenbeten, allen binnen 24 uur verwijderd. Dank zij een nauwgezette tekencontrole elke avond en de verwijdertechniek van mijn echtgenoot (zie ook eerdere blogposts over teken).
Het ging hierbij meestal om de kleine onvolgroeide teekjes, de nimfen. Deze kunnen ook al de borreliabacterie dragen. Zie hieronder een nimfje op plakband naast rijstkorrels.


Overigens heeft mijn echtgenoot in de tuin nog nooit een teek opgelopen!

Mijn volgers weten dat ik een ecologisch beheerde, zo natuurlijk mogelijk ogende tuin heb, waarin planten en allerlei gedierte veel vrijheid hebben. Helaas ook een mooie plek voor teken, die op uitstekende grasjes en takjes of verstopt in de strooisellaag zitten.
Bovendien ligt Zuid Oost Friesland in een gebied met een flinke tekendichtheid.

Ik beschermde mij de afgelopen jaren vooral met middelen, die vermelden een reukbarrière te vormen tegen teken ( Picksan Tekenstop Spray - niet meer verkrijgbaar, tea trea oil produkten).
Ik moest langzamerhand onder ogen zien, dat deze produkten onvoldoende bescherming boden.
Ook, als ik maar even iets in de beplanting vastpakte: wie doet dat niet al lopend door de tuin.

Maatregel één, die ik vanaf eind juni vorig jaar ben gaan toepassen is om ervoor te zorgen dat de paden, waarop ik dagelijks loop, zo veel mogelijk vrij zijn van overhangende beplanting. Dat betekent regelmatig handmatig knippen met de heggenschaar of uittrekken van te opdringerige randbeplanting.


Maatregel twee is het toepassen van een spray en een roller met Deet ( roller 30% en spray 40% Deet). 


Ik spray dan langs de sokken en langs de broekspijpen (dan komt het spul minimaal op mijn huid) en smeer met de roller om mijn polsen heen (vanaf de enkels en de polsen komen de meeste teken “binnen”). 
Hieronder mijn polsen even aangekleurd om te tonen hoe.


En soms nog tuinhandschoenen, die met PMD gesprayd worden (voor PMD zie verderop)


Deet is eerste keus bij tekenpreventie. Het spul ruikt nauwelijks.
De polsen was ik altijd even met zeep na gedane arbeid, dat gaat heel gemakkelijk. De met Deet ingespoten broek en sokken verwissel ik trouwens ook meestal na het buiten spelen.

Alternatief: wanneer Deet niet mag ( kleine kinderen) of wanneer je dat niet wilt is er als alternatief de middelen op basis van lemon-eucalyptus extract met de werkzame stof P-menthaan-3,8 diol (PMD) in een voldoende hoge concentratie van bij voorbeeld 19,2 % in Anti teek spray van Care Plus.
Dit spul werkt ook afdoende bij mij, maar ik vind de penetrante lucht heel vervelend en licht irriterend voor de ogen. Buiten sprayen helpt al en de ingespoten broek en sokken na gedane arbeid uitdoen ook.

Alternatief twee: in Engelstalige websites lees ik dat ook producten met minstens 20% Icaridin (ook bekend onder de naam Saltidin en Picaridin) wordt genoemd als een effectief middel zonder gezondheidsrisico's.
Er bestaat zo'n spray van het merk Moskito Guard, het is een aangenaam geurende milk. Moeilijk te krijgen, google bij webwinkels.
N.B. Vele drogisten verkopen Zen'sect Tropical spray met 15% Icaridin.
Heeft ook een aangename geur en is minder milk-achtig dan de Moskito Guard, zodat ik hem ook op sokken en broek kan spuiten.


De geur van hetzelfde spul PMD in een hele lichte concentratie van slechts 3% zit in het al genoemde en al jaren door mij gebruikte Picksan Tekenstop Spray. Die concentratie is te laag.
De geur ervan is niet onaangenaam en veel beter te verdragen, ik heb er geen last van.
Ik gebruik het nog steeds als ik heel even de tuin in loop, ik spray het dan op, enkels en polsen. Echter:
N.B. Picksan Tekenstop Spray blijkt inmiddels niet meer verkrijgbaar.
Daarvoor in de plaats neem ik Zen'sect tropical spray


Bij alle klusjes in de tuin pas ik maatregel twee toe, soms gecombineerd met het alternatief PMD.
Als ik écht de bosjes inga, dan doe ik laarzen aan, die ik uiteraard ook spray. En ik doe een gesprayde pet op.

En als het heel warm weer is? Terughoudend zijn met tuinklusjes, want bloot de beplanting in betekent een feest voor de teken. Anders kleren aan en sprayen.

Het is duidelijk dat ik de maatregelen ook toepas, als we naar het bos gaan.


Nadat ik vorig jaar het strenge beleid ben gaan toepassen, had ik in augustus nog één tekenbeet.
Dit jaar heb ik in maart een tekenbeet opgelopen, toen ik dacht dat ze nog niet actief waren (ja, dus).
En de twee tekenbeten van de laatste drie weken liep ik op, toen ik tóch even onbeschermd door de tuin liep.
Het leven is soms sterker dan de leer.

Overigens schijn ik nog steeds vrij van Lyme te zijn. Er is wel eens getest, maar daar kwam niet duidelijk iets uit. En ik heb geen symptomen.
Geen verschijnselen is geen test én geen Lyme, zegt mijn huisarts.

Dus gaan we vrolijk door met genieten van de tuin met verstandig beleid ;-)



maandag 4 juni 2018

De zeekool in mijn mini-moestuintje bloeit!



Twee jaar geleden kocht ik voor mijn sleutelgattuintje een jonge zeekool ( Crambe maritima).
Kijk hierboven maar eens hoe het er in dat kleine sleutelgattuintje aan de zuidkant van ons huis aan toegaat, het ziet er heel anders uit dan een jaar geleden ( zie hier, waar ik ook al iets over de zeekool schrijf).
De zeekool behoort tot de familie van de kruisbloemigen en is verwant aan de koolsoorten. Het is een wilde plant, die langs de kusten van de Waddenzee en de Afsluitdijk te vinden is tussen het basalt. Het jonge blad van de plant is eetbaar, maar ik vind het zonde om een jonge plant, die zijn draai nog moet vinden, te consumeren. Zie hieronder de zeekool, als hij in het midden van april nét boven de grond komt.


De zeekool gaat na drie jaar pas goed groeien; dat derde jaar is nu ingegaan en hij is gaan bloeien!


De onderstaande foto's zijn van de vorige week. Ik vind de bloei prachtig.




Hij komt ook goed uit tegen de achtergrond van de dit jaar ook al zo mooi bloeiende salie plant (Salvia officinalis). En dan te bedenken dat de zeekool wel 15 jaar vast kan blijven staan op dezelfde plek!
Ik heb hem neergezet tegen de stenen aan van dat tuintje, om zo de oorspronkelijke plek te imiteren.
Eens per jaar krijgt hij als extra’tje een handje zeewierkalk en een gietertje water met wat zeezout erin opgelost. De grond is er arm, ik bemest niet. De plant wil volle zon en kan tegen droogte.

Er is ook een neefje van de plant, de Crambe cordifolia, die wel twee meter hoog en breed wordt en spectaculair bloeit. Maar ik houd het liever bij deze oude groente, de wilde zeekool.
Toen mijn man vorige week met een vriend langs de Afsluitdijk moest, vroeg ik hen foto’s te maken van de plant, zoals hij in het wild groeit én bloeit. Zij zijn (dank jullie wel!) de makers van de volgende foto’s:
(de plek is ongeveer bij het standbeeld van Ir. Lely bij het Monument ten noorden van Den Oever)





In de komende jaren  zal de versterking van de Afsluitdijk aan de zeekant van start gaan. Er worden dan stevige betonblokken geplaatst, het is te hopen dat dit niet volledig ten koste zal gaan van de boeiende basaltvegetatie.
Of zal deze zich naderhand weer gaan herstellen?