Vorige maand verwachtten we heel wat trosjes
druivenbloesem
Bij de periode van 2 september tot 29
september op de Keltische bomenkalender hoort de druivenstok (Vitis
vinifera). Hoe kan dat nou, de druif zou een boom zijn? Hoe dat kan,
is alleen te verklaren vanuit de eigenschappen van de plant, die een
dikke houtachtige stam vormt die met een stevig wortelgestel in de
grond verankerd is.
De takken slingeren zich omhoog, en iedereen, die een druif zijn gang heeft laten gaan, weet welk een groot oppervlak het gebladerte kan bedekken. Dus toch een boomachtig uiterlijk.
Maar er blijven wel vragen. Hoe heeft
in de noordelijker gelegen Keltische streken destijds de wijnstok
kunnen gedijen? Dat is ook niet erg waarschijnlijk maar de Kelten
hadden handelscontacten met Zuid-Europa en kenden zodoende de druif
en het kostelijk vocht: de wijn.
Er wordt aangenomen dat de druïden in
hun riten in plaats van de wijnrank wel gebruik maakten van de braam,
een soort vervanging voor de druif in het oude Brittanië. De braam
heeft ook dat rankende, maar om de vruchten met druiven te
vergelijken, daar moet je wel veel fantasie voor hebben.
Met het opwarmende klimaat van de
laatste decennia, is het steeds meer mogelijk om ook in noordelijker
streken met redelijk tot goed gevolg ook buiten druiven te telen. Er
zijn inmiddels goede variëteiten in de handel om een keuze te maken.
Wij hebben zo'n vijftien jaar geleden
tegen onze zuidmuur de “Boskoop Glory” aangeplant ( zie boven). Gemiddeld
geeft deze een hele aardige oogst van zoete, rode druiven. Ik probeer
deze sterke groeier altijd weer volgens de regels te snoeien, maar ik
moet daar toch steeds weer het boekje bij halen. Dat komt omdat deze
sterk groeiende druif wel wat enthousiaster groeit dan ik met mijn
snoeischaar kan bijhouden.
Dit jaar grepen wij trouwens volledig
ernaast bij de oogst. De verwachting was er nog wel een maand
geleden (zie boven).
Maar onze merel was ons voor, luid
kwetterend van de schrik vloog hij geregeld op, wanneer wij de
voordeur openden. En de toch al niet zo grote oogst was binnen een
paar dagen geconsumeerd. Ach ja, netten vind ik maar niks – als je
ooit een vogel gewond eruit hebt gepeuterd, láát je dat voortaan
wel – en cd's erin hangen, tja...
Een druif houdt niet van zure,
veenachtige grond, zoals bij ons aanwezig is. Maar aan de zuidkant
van het huis bestaat de, kennelijk ooit bij de bouw opgebrachte grond,
haast uit puur zand. Een ideale plek voor een aantal planten, die het
graag wat schraler hebben. De druif wil liefst kalkrijke, zelfs
kleiige grond of wat humusrijke zandgrond. Ik geef hem in het vroege
voorjaar wat koemestkorrels, een handvol kalk en als extra
verwennerij een schepje bentoniet (kleimineralen). En als hij een
jaar wat last heeft gehad van schimmel in het blad, dan schijnt een
handje lavagruis hem ook een flinke oppepper te geven.
Een druivelaar bij huis geeft me een
heerlijk, zuidelijk gevoel. Al hebben we dan geen wijnopbrengst
ervan; áls we een glas wijn drinken prijzen we deze plant, waarvan
zelfs het blad wordt gegeten in de vorm van dolma's (het blad wordt
om een lekker rijstmengsel gewikkeld en bereid).
En dan te weten, dat men de kunst van
het domesticeren van de wilde druif en het wijn maken al 6000 jaar
voor de jaartelling beheerste, zo ter hoogte van Oost Turkije .



