Posts tonen met het label Vitis vinifera. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Vitis vinifera. Alle posts tonen

dinsdag 18 september 2012

De druivenstok: bomenkalender nr.10.

                                  Vorige maand verwachtten we heel wat trosjes
                                                          druivenbloesem

Bij de periode van 2 september tot 29 september op de Keltische bomenkalender hoort de druivenstok (Vitis vinifera). Hoe kan dat nou, de druif zou een boom zijn? Hoe dat kan, is alleen te verklaren vanuit de eigenschappen van de plant, die een dikke houtachtige stam vormt die met een stevig wortelgestel in de grond verankerd is. 


De takken slingeren zich omhoog, en iedereen, die een druif zijn gang heeft laten gaan, weet welk een groot oppervlak het gebladerte kan bedekken. Dus toch een boomachtig uiterlijk.
Maar er blijven wel vragen. Hoe heeft in de noordelijker gelegen Keltische streken destijds de wijnstok kunnen gedijen? Dat is ook niet erg waarschijnlijk maar de Kelten hadden handelscontacten met Zuid-Europa en kenden zodoende de druif en het kostelijk vocht: de wijn.
Er wordt aangenomen dat de druïden in hun riten in plaats van de wijnrank wel gebruik maakten van de braam, een soort vervanging voor de druif in het oude Brittanië. De braam heeft ook dat rankende, maar om de vruchten met druiven te vergelijken, daar moet je wel veel fantasie voor hebben.

Met het opwarmende klimaat van de laatste decennia, is het steeds meer mogelijk om ook in noordelijker streken met redelijk tot goed gevolg ook buiten druiven te telen. Er zijn inmiddels goede variëteiten in de handel om een keuze te maken.
Wij hebben zo'n vijftien jaar geleden tegen onze zuidmuur de “Boskoop Glory” aangeplant ( zie boven).  Gemiddeld geeft deze een hele aardige oogst van zoete, rode druiven. Ik probeer deze sterke groeier altijd weer volgens de regels te snoeien, maar ik moet daar toch steeds weer het boekje bij halen. Dat komt omdat deze sterk groeiende druif wel wat enthousiaster groeit dan ik met mijn snoeischaar kan bijhouden.
Dit jaar grepen wij trouwens volledig ernaast bij de oogst. De verwachting was er nog wel een maand geleden (zie boven).
Maar onze merel was ons voor, luid kwetterend van de schrik vloog hij geregeld op, wanneer wij de voordeur openden. En de toch al niet zo grote oogst was binnen een paar dagen geconsumeerd. Ach ja, netten vind ik maar niks – als je ooit een vogel gewond eruit hebt gepeuterd, láát je dat voortaan wel – en cd's erin hangen, tja...


Een druif houdt niet van zure, veenachtige grond, zoals bij ons aanwezig is. Maar aan de zuidkant van het huis bestaat de, kennelijk ooit bij de bouw opgebrachte grond, haast uit puur zand. Een ideale plek voor een aantal planten, die het graag wat schraler hebben. De druif wil liefst kalkrijke, zelfs kleiige grond of wat humusrijke zandgrond. Ik geef hem in het vroege voorjaar wat koemestkorrels, een handvol kalk en als extra verwennerij een schepje bentoniet (kleimineralen). En als hij een jaar wat last heeft gehad van schimmel in het blad, dan schijnt een handje lavagruis hem ook een flinke oppepper te geven.

Een druivelaar bij  huis geeft me een heerlijk, zuidelijk gevoel. Al hebben we dan geen wijnopbrengst ervan; áls we een glas wijn drinken prijzen we deze plant, waarvan zelfs het blad wordt gegeten in de vorm van dolma's (het blad wordt om een lekker rijstmengsel gewikkeld en bereid).

En dan te weten, dat men de kunst van het domesticeren van de wilde druif en het wijn maken al 6000 jaar voor de jaartelling beheerste, zo ter hoogte van Oost Turkije .