Posts tonen met het label kool. Alle posts tonen
Posts tonen met het label kool. Alle posts tonen

vrijdag 15 juli 2016

Dipje in de vlinderliefde: koolwitje op kool.


In deze tijd, waarin de hoeveelheid en de diversiteit van vlinders terugloopt, dient mijn liefde voor vlinders onvoorwaardelijk te zijn.
Zoals het wel meer gaat met onvoorwaardelijke liefde, wil er wel eens een barstje in komen.


Of liever gezegd: gaten. Maar de liefde herstelt zich weer snel, zo blijkt uit het onderstaande.


Koolwitjes houden van kruisbloemige planten, waaronder onze koolsoorten. En tot mijn moestuinexperimenten behoren de palmkool, de zeekool en het eeuwig moes.
De vrolijke koolwitjes hebben ze weten te vinden, maar geven overduidelijk de voorkeur aan de palmkolen: die prachtige planten, mijn trots.
Op een goede dag zag ik allerlei vrolijke vretertjes op de palmkool. 

poepjes van de rupsen
Uiteraard ga ik geen voorstadium van koolwitjes vermoorden. Toen ging ik de rupsen verzamelen en achterin de tuin zetten, zodat ze de weg terug moeilijk zouden kunnen terugvinden.
Daarover heb ik nu een licht schuldgevoel.
Wat had ik anders kunnen doen?

Het volgende wordt geadviseerd door vlinderliefhebbende tuinierders:

Gun de rupsen een paar koolplanten en dek de rest af met vliesdoek, vitrage of zoiets – zie ik mij niet zo gauw doen, het is toch géén gezicht, zo'n spookachtig bedekte koolplant ;-)

Plant salie en muntsoorten naast de koolplanten, koolwitjes houden niet van de geur.

Zorg dat je geen kleinere of grotere monocultuur hebt van koolplanten. Combinatieteelt met veel soorten planten bij elkaar, brengt het koolwitje in verwarring.



Zorg voor sterke planten, hetzij zelf opgekweekt vanuit liefst biologisch zaaigoed, hetzij als jong, biologisch geteeld plantgoed. Ik heb het geluk gehad dat ik in mei biologische koolplantjes kon kopen.

Het meest haalbaar voor mijn piepkleine cultuurtjes lijkt me de combinatieteelt.
In mijn in het voorjaar aangelegde sleutelgattuintje doe ik dat al. Er staat citroenmelisse, salie, o.i.kers, een andijviesoort, snijbiet én een andere koolsoort: zeekool.
Opvallend is, dat het koolwitje de voorkeur heeft gegeven aan de palmkool boven de zeekool. (Zie hieronder de zeekool.)


Verderop in onze tuin staat,  verstopt tussen bessen en andere tuinplanten, een flinke plant van het eeuwig moes (zie hieronder). Ook deze blijft tot nu toe nagenoeg vrij van vraat. De plant is kennelijk moeilijk te vinden. Combinatieteelt lijkt dus te werken.



Samenvattend lijkt me het beste om te zorgen voor sterke planten, combinatieteelt toepassen met planten, die het koolwitje niet lekker vindt ruiken (salie, muntsoorten) , en eventueel een lok-koolplant erbij te zetten – een zwakkeling uit het tuincentrum bij voorbeeld ;-)

Het aardige van palmkool is, dat vanuit het hart snel nieuwe bladeren ontstaan. De kool herstelt zich vlot.


Voor meer diervriendelijke tips om het koolwitje bij te sturen houd ik me aanbevolen.