Dat een groot deel van de bovengrondse
plantaardige natuur nu écht aan het afsterven is: daar kun je deze
dagen niet meer aan voorbijzien. Planten gaan in rust, en, als de
mooie herfstkleuren verdwijnen, gaat de tuin er desolaat uitzien.
Ook de tuinier trekt zich terug, de
tuin maakt zichzelf wel winterklaar. Het gevallen blad vormt de
ideale bescherming voor de planten bij vorst en oostenwind, en
verteerd geeft het de beste compost voor het volgend seizoen.
Een gazon moet je wel bladvrij houden, maar dat heb ik niet en de oprit
wordt vanzelf door de wind schoongeblazen...
De laatste dagen waren hier in het
Noorden mistig. De hele dag door mist. Je moet van goeden huize komen
om dan niet enige melancholie bij jezelf te bespeuren.
Begin november is van oudsher een tijd,
waarin men wat meer bezig is met dood, sterven, vergankelijkheid. Zie
het in onze streken opkomende Halloween, dat zijn basis vindt in het
oude Keltische Samhain, een feest dat gebaseerd is op de gedachte dat
in deze dagen de grens tussen het onderrijk en het bovenrijk, d.w.z.
de dodenwereld en de geestenwereld, maar heel dun is en haast
transparant wordt.
Ook de Katholieke feesten Allerheiligen
en Allerzielen ( 1 en 2 november) zijn geënt op deze stam.
Al ben je niet religieus of spiritueel
ingesteld; menigeen kan zich in deze tijd van het jaar, met vallende
blaadjes, donkere dagen, kou en mist niet helemaal onttrekken aan
gevoelens van enige melancholie.
Ik ben de tuin doorgelopen met mijn
fototoestel om de schoonheid in het verval te zoeken.
En merkte dat het gevoel van
melancholie ook zijn zoete kanten heeft.










