Na een heerlijke week met uitzonderlijk
warme lentetemperaturen is het vanaf vandaag weer normaal koel
voorjaarsweer. Zelfs hier in het noorden was de middagtemperatuur
rond de vijftien graden. De nachten waren daarentegen koud, meest
rond het vriespunt.
Uiteraard gaat een tuinmens dan voor de
bijl: de tuin lokt en roept en allerlei voorjaarsklusjes werden, zij
het nog wat aarzelend, opgepakt. Want ja, het is nog geen half maart:
wat willen we...
Maart en april kunnen zeer onaangename
verrassingen in petto houden, nachtvorst kan tot half mei schade
aanrichten.
Het voelde als onverdiende luxe, een
cadeautje van moeder natuur, om genietend van warmte en zonneschijn
buiten te zijn. En zo zat ik al mijmerend bij de vijver, waarin de
blauwe lucht zich spiegelde. Ik mijmerde over de schoonheid, die de
natuur biedt in de prille lente. Nieuw leven bij planten en dieren,
nieuwe energie bij ons mensen. Maar toen een mooi gekleurde, luid
krassende vlaamse gaai overvloog, nagezeten door een paar kleine
zangvogeltjes, dacht ik aan de wrede kanten van diezelfde natuur. Ik
weet dat het merelnest in de conifeer later bezocht zal worden door
deze rover, met medeneming van een of meer jonge vogels.
Later op een van die middagen zag ik
twee kikkers in de vijver. Grijsachtig blauwe. Waren het dan toch
heikikkers, waarvan de mannetjes in de paartijd blauw kleuren? Of een
grijze variëteit van de gewone bruine kikker? Er zijn te veel variëteiten om dit met zekerheid te kunnen vaststellen. Twee jaar geleden vroeg ik me dat ook al eens af, maar de toen gespotte kikker
zag er weer anders uit dan de huidige. De kikkers heb ik trouwens
maar één dag gezien.
![]() |
| vorige opname vergroot: heidekikker of grijsgekleurde bruine kikker |







