woensdag 27 januari 2016

Allemaal beestjes: papiervisjes.


Wat is het eerste als ik 's morgens naar beneden kom: allemaal beestjes.
Wat gaan de poezen doen als ze beneden komen: langs de plinten zoeken naar al die beestjes.
Die beestjes wonen hier in huis in onbekende hoeveelheden.
Ik vind ze in de gootsteen, op het aanrecht, in dozen, soms eentje in bed.
Niet meer dan een stuk of drie, vier tegelijk. Ze zijn uiterst lichtschuw, ze rennen meteen weg als ze in het licht komen of geluid horen.
Het zijn 1,5 tot 2 cm lange, dunne, donkergrijzige, platlijvige insecten met twee lange voelsprieten op de kop en drie sprieten achter en zes pootjes. 


We scholden ze eerst uit voor zilvervisjes, die veel weg hebben van de papiervisjes, maar bij nadere bestudering van uiterlijk en leefgewoontes menen we toch met het papiervisje te maken te hebben; de schrik van bibliotheken. Ze kunnen daar boeken vernielen door het papier op te peuzelen.
Dat gebeurt op een hele karakteristieke manier. Het meest duidelijk kan ik dat laten zien aan de hand van de resten van een velletje papier, waarop ik een gedicht had opgeschreven. Het papier wordt als het ware geschaafd, zodat er dunne plekken ontstaan en gaten.


Het beestje heeft niets met visjes te maken, het is een zespotig insect met de officiële naam is Ctenolepisma longicaudata.
Vooral mijn man vond deze beestjes, toen we jaren geleden de eerste aantroffen, zeer verontrustend. Hij zag zijn hele boekenbezit voor zijn geestesoog al aangetast.
Bestrijden is moeilijk. Er zijn lokdoosjes (zonder gif), maar de resultaten zijn niet spectaculair.
Het is met de meeste beestjes in huis (spinnen, pissebedden, meelwormen en ik weet niet wat al meer): leven en laten leven. Als ze het niet al te dol maken en niet met ál te veel komen, nou ja....
Tot slot nog een link naar een hit uit het jaar 1967, die toen heel populair was en door iedereen werd meegezongen: "allemaal beestjes...."
Sommigen van de ouderen herinneren zich dit lied nog wel ;-)


N.B. Hierboven hebben de beestjes ook aan mijn blogtekst geknaagd. Dat is duidelijk. Ik krijg het met geen mogelijkheid meer goed ;-)

dinsdag 19 januari 2016

's Winters moet het toch wel sneeuwen.


De psyche van de meeste mensen in ons gematigde zeeklimaat is toch wel ingesteld op een winter, waarin je wél even wilt voelen dat het winter is.


We raken toch wel een beetje van slag, als het dan nét voorjaar lijkt te zijn. Dat hoort niet. Eerst kou, en dan als beloning langzaam naar de warmte toe.
Nu vind ik kou en gladheid door de jaren heen steeds minder aangenaam, maar ik merk, dat ik blij ben dat het hier in het noorden toch even flink wintert. Het hoort gewoon zo.


Sneeuw, licht vriezend weer en zonneschijn is ook buitengewoon fotogeniek. Daarom kon ik het niet laten om gisteren de tuin door te wandelen tot mijn handen het knopje van het fototoestel niet meer konden vinden.


En ik begrijp ook best dat men in deze streken, waar het niet sneeuwen wil en nauwelijks vriest, toch stiekem wat jaloers is op de meer winters toebedeelde delen van onze landjes.


Toch, als het wat langer gaat duren, de luchten grijs zijn, de sneeuw rommelig en de kou venijnig, dan verlang je naar voorjaar en zomer.
Wat is de mens toch een vreemd wezen, het verlangen gaat altijd uit naar datgene, wat op dit moment niet aanwezig is.


woensdag 6 januari 2016

IJzel.


Zulke zeldzaam dikke ijzellagen gedurende twee dagen betekent "ontwrichting" van het dagelijks leven: openbaar vervoer stagneert, straten niet of nauwelijks begaanbaar. Veel valpartijen met gebroken polsen, enkels en heupen.
Krant wordt niet bezorgd: dan dagblad maar lezen op de tablet.
Dit maken we nu mee in het noorden van Nederland. En dat terwijl het in de rest van het land bij wijze van spreke lauw water regent.


Hier in zuid-oost Friesland is de situatie op de weg nog slechter dan gisteren: de temperatuur ligt ook overdag tussen de min 1,5 en min 2 graden in, daarbij komt de matige regenval gedurende een aantal uren.
Ook vannacht wordt nog regen verwacht en pas morgen zal de dooi invallen.
De dikke ijzellaag geeft mooie afbeeldingen op een aantal ramen. 


Het lijkt wel kunst.


Ik kan me niet herinneren zulke, dagen voortdurende, ijzel te hebben meegemaakt. Wel heb ik in mijn jeugd wel eens op straat geschaatst.
De deur gaan we niet uit. Dat hoeft gelukkig ook niet. 


Pas morgen hopen we de auto uit de sneeuw / ijslaag te kunnen peuteren om de etensvoorraden weer te gaan aanvullen. Intussen eten we scheepskaakjes en droge rijst.
Nee hoor, we komen intussen niets te kort :-)) en we vermaken ons uitstekend.




maandag 4 januari 2016

Sneeuw en dansende stroomkabels.


Na de bijzonder hoge decembertemperaturen was de verwachting, dat er nog wat winter zou komen, wel minimaal geworden.
"De warmste december ooit"; zo sprak de pers. Ja, ja ... dat is een vreemde uitspraak. Men bedoelt natuurlijk: sinds het begin van de metingen, in Nederland zo'n 300 jaar geleden.

We dachten zo ongeveer, dat we vorig jaar wel de laatste sneeuw zouden hebben gezien.
Maar nee hoor, sinds zondag is hier in het noorden van Nederland de winter even ingevallen. Vanmorgen lag hier in zuid-oost Friesland een klein sneeuwtapijtje en gedurende enkele uren viel er nog een laagje bij, terwijl de temperatuur nauwelijks boven 0 graden uitkwam.


En we maakten gisterenavond een vreemd verschijnsel mee. Regelmatig viel de stroom een fractie van een seconde uit, waardoor we aanvankelijk dachten dat een lamp het zou begeven. Het verschijnsel trad echter bij alle lampen op...
De verklaring was wel heel bizar: er er vormde zich ijzel op de hoogspanningskabels in het noorden van het land. Door de harde wind gingen deze dansen, waardoor kleine kortsluitinkjes ontstonden, die de stroomvoorziening steeds even deed stagneren.
Dansende hoogspanningskabels: het kan niet gekker.... Koning Winter raakt ons landje even aan en de stroomkabels gaan dansen.

Maar vanmorgen moest ik natuurlijk het kennelijk steeds zeldzamer wordende verschijnsel "sneeuw" in de tuin even vastleggen.








zaterdag 19 december 2015

Geen kerstboom....


Dit jaar geen kerstboom. Maar een poezenboom.
Ik meldde een paar weken geleden dat we een jong Abessijnenkatertje hebben genomen, genaamd Simke.
Maar één poes is maar niks. Het lag al in de lijn der verwachting, maar een week geleden hebben wij er nog een huisgenootje bij gekregen: een Blauwe Rus poesje, toen ook 13 weken oud, genaamd Tuzka.


Blauwe Rusjes gaan goed samen met Abessijntjes. We hebben eerder zo'n combi gehad.
De Blauwe Rus is een prachtig kattenras, elegant, tamelijk bescheiden, maar intelligent en meest zeer gericht op de eigen huisgenoten. Herrie en veel vreemden in huis: mwah.... ze trekken zich dan beleefd terug. Het zijn aristocraatjes.


Dit zal wel ons laatste stel katten worden, want als ze twintig jaar gaan worden, zijn wij al in de negentig :-)
Met veel plezier zijn we nu aan het genieten van de twee, die het al heel snel goed samen konden vinden. Veel rennende pootjes om ons heen, stoute experimenten, lekker op schoot zitten spinnen en dat beiden tegelijk.
Wij zijn best druk met de kleintjes, al moet gezegd worden dat de twee poesjes zich hoofdzakelijk met elkaar vermaken, waardoor de baas en de vrouw minder "geplaagd" worden.


Maar als het stel ‘s avonds rond 21 uur uit vrije wil naar hun “Catproof Kamertje” vertrekt – aangelokt door een poezensnoepje – zeggen wij, enigszins vermoeid: “hè, hè, de kleintjes zijn naar bed....”


En als ze 's morgens om zeven uur met luid gerommel te kennen geven dat wij nu lang genoeg hebben uitgeslapen denken we: ja, we zitten echt in de kleine (poezen)kinderen.

De kerstboom en alle kerstversieringen blijven dit jaar maar even achterwege. We doen niet aan zelfkwelling ;-)

zondag 6 december 2015

Zonlicht in december.


In deze tijd vind ik het maar een desolate boel in de tuin.
Om schoonheid te vinden in het verval moet je een bepaalde gemoedstoestand toelaten zodat je méér ziet dan ingestorte, halfvergane plantendelen. Daar kun je je zeker in trainen, maar wat het best helpt is: zonlicht.


Het verbaast me altijd weer hoezeer zonlicht een zekere mate van vreugde genereert. De wereld ziet er zo veel mooier uit als deze op natuurlijke wijze mooi belicht wordt. Waarbij het tijdstip van de belichting ook nog eens veel kan uitmaken. 


Met mijn fototoestel ben ik daarom de tuin ingegaan om een rondje te lopen en de mooist belichte plekjes de revue te laten passeren.