dinsdag 5 april 2022

Mijn stokoude vlinderstruik leeft nog en hoe.


 Oud, maar niet dood: en ‘s zomers bloeiend alsof de vergankelijkheid niet bestaat.

De nu 25 jarige vlinderstruik (Buddleja davidii), die als zaailing zelf zijn plekje in onze tuin had gevonden, is volledig herrezen, nadat ik hem in mijn blog van 8 november 2014 als afgeschreven beschouwde.

Onze hovenier adviseerde destijds al hem nog een kans te geven, en zowaar: jaar in jaar uit beloont hij ons – 3 meter hoog - ‘s zomers met een weelde aan bloemen.



De gouden regel is, dat je zo’n oude struik niet meer tot 50 cm boven de grond terugsnoeit in het voorjaar. Met beleid licht bijsnoeien en dood hout verwijderen is het beste.


Kijk eens naar de beide, eerbiedwaardige stamvoeten.


De mooiste “voet” is die hieronder, gedraaid en gekronkeld:


Je kunt ook zien dat er jongere scheuten naast de oude zijn gegroeid: een natuurlijk proces van verjonging. De afgestorven stammen van zes jaar geleden zijn vermolmd en verteerd.


Ik voel me verwant met zo’n oude, toch steeds weer volop bloeiende, vlinderstruik.

“Zet hem op” zeg ik tegen hem en meteen ook tegen mijzelf.





donderdag 24 februari 2022

Zaadje kon niet wachten.


Twee van die kleine appelpitjes
in januari, nog diep in 't appeltje
en dan al aan het ontkiemen
ze voelen de lente
terwijl wij nog in winterslaap zijn.
Zo bijzonder.
Ik kon dat niet weerstaan
en plantte de twee kiempjes
bij elkaar in een potje.
Kijk eens: een maand later
twee jonge appelplantjes
boompjes in wording.




woensdag 9 februari 2022

Eekhoorn trekt zijn eigen plan.


 Een week of zes geleden zagen wij een een hele rare “vogel” bij de vetbollen: een eekhoorntje. We konden hem door de ruit heen op de foto zetten.


Wat leuk!

Het was al weer zeven jaar geleden, dat we voor het laatst een eekhoorntje te gast hadden: het “slopertje”, dat onze Metasequoia vakkundig voor een deel ontschorste.


De arme boom kreeg in de jaren daarna stormschade, een te rigoureuze snoeibeurt én extreme droogte te verduren en heeft het helaas niet overleefd.

Dit leuke eekhoorntje, zo besloten we, had natuurlijk een eigen voederplaatsje verdiend.

Zo schaften we een speciaal eekhoornvoederhuisje aan met een dakje erop, dat het beestje zelf kon openklappen – anders zouden de vogels alles voor hem wegkapen.


En uiteraard een zak speciaal eekhoornvoer.

Het huisje werd aan de resterende stam van de Metasequoia bevestigd, een meter of drie van de vetbollenplek vandaan. Naar ons inzicht zou een intelligent eekhoorntje, wellicht een nazaat van het “slopertje” (eekhoorns bereiken een leeftijd tussen de vijf en zeven jaar), dit vast en zeker kunnen vinden.

Jullie raden het al: geen eekhoorn meer te zien, nergens nooit meer in de tuin.

Na vier weken besloten we het huisje met een kleine ingreep geschikt te maken voor vogels.



Dit lokte slechts een enkele koolmees. De mussenkolonie, de mezen, merels, vinken bleven bij hun eigen voederplek.

Het huisje heb ik vandaag maar van de boom gehaald, het beetje eekhoornvoer hadden de vogels geconsumeerd en het restje in de hoekjes ging al schimmelen.

Het huisje blijft bewaard voor “je weet maar nooit”.

Eekhoorn is weg, of dood of dom of heeft een beter kosthuis opgescharreld.

Deze ervaring doet me denken aan de inzet van sommige dierenliefhebbers, die in hun tuin een schitterend egelhuis bouwen: geen egel te bekennen.

Of het insectenhuis, op de goede plek volgens alle regels gemaakt: slechts een enkel metselbijtje.

En ons vogelhuis speciaal voor de spreeuw: koolmezen kraken dit huis al enige jaren.


Met andere woorden: ondanks onze goede bedoelingen trekt de natuur haar eigen plan.


woensdag 22 december 2021

Goede Kerstdagen en een hoopvol 2022.

Al mijn lezers wens ik goede Kerstdagen toe en een hoopvol 2022.

Nu we voor de tweede keer vlak voor de Kerstdagen weer in een harde Lockdown terecht zijn gekomen door dat slimme virus, dat zich steeds maar weer aan onze verwachtingen weet te onttrekken, vragen we ons af wanneer het leven toch eindelijk weer normaal gaat worden.

We weten het niet, we hopen al haast twee jaar dat het einde in zicht komt.

Meer vragen dan antwoorden.

Wat we kunnen doen om de moed erin te houden, is ons zoveel als kan te blijven voeden met schoonheid. In kunst, literatuur en in de natuur.

In het stukje natuur dat binnen ons bereik is: balkon, tuin, park, bos, het vrije veld, strand, duinen.

In een hobby, wat het ook is, waar je veel plezier aan beleeft.

In de tuin worden we nu al twee dagen verrast door een rijplaagje, dat de planten een bijzonder feestelijk aanzien geeft, samen met zonneschijn en een heldere lucht.

Larix in pot en kaardebol:



                                         

Vanmorgen zag je heel goed de kristalvormen, hier op de restanten van de bloem van het koninginnekruid:


Temperaturen overdag rond het nulpunt en ‘s nachts min vijf graden.

Wie weet komt er zelfs een winterse Kerst aan.

Hopelijk is het coronavirus tegen de volgende Kerst gemuteerd tot een onschuldig verkoudheidvirusje.

Tot slot ook vooral gezondheid toegewenst!


 



vrijdag 26 november 2021

Babyplantjes op het blad van de zachte naaldvaren.


Een aantal weken geleden zag ik, dat op de nerven van het blad van de mooie, wintergroene zachte naaldvaren ( Polystichum setiferum “Herrenhausen”) allemaal piepkleine jonge varenplantjes waren gegroeid.

Nu had ik al een aantal jaren eerder van deze mooie, fijne en sterke varen kleintjes weten op te kweken, vanuit ditzelfde verschijnsel.

De moederplant van 2015 met onderaan links en rechts van het midden de al bewortelde jonkies:


Sterker nog; die kleintjes van toen blijken nu de moederplanten van de nieuwe baby’s.


De afgelopen drie jaar hebben deze jonge planten een beetje staan kwijnen aan de noordkant van het huis: de zomers waren te droog en te warm voor ze.

Maar dit jaar hebben ze zich in volle glorie weten te ontwikkelen en vormden ze zelf weer babyplantjes:


Normaal gesproken vermenigvuldigen varens zich via de sporen onder op het blad. Ik heb wel eens gelezen dat sommige varens ook jonge plantjes op de bladnerven konden vormen, maar ik kon die info nergens meer terug-googelen.

Om de jonge planten geworteld te krijgen moet het blad de grond raken en wat tijd en vocht krijgen.

Daar kun je natuurlijk een handje bij helpen, door het blad op de grond vast te maken met een stokje o.i.d. Dat had ik bij bovenstaande planten niet gedaan.

Dus speurde ik of er bladeren waren, die zelf de grond hadden gevonden waardoor de babyplantjes waren gaan wortelen.

En ja hoor, een paar bladeren hadden nogal wat jonge, bewortelde varentjes. Voorzichtig verwijderde ik het blad met de bewortelde plantjes:  


Omdat deze mooie varens het op (half)beschaduwde, niet al te droge plaatsen uitstekend doen, besloot ik de jonge plantjes uit te planten in een bak om ze verder op te kweken en later uit te planten:


Mijn varenbaby’s staan nu op een beschutte plaats, en inmiddels heeft de Metasequoia ze een winterdekentje gegeven.

Zo kun je aan het begin van de winter toevallig al genieten van jong en pril groen.


zaterdag 6 november 2021

Dat gouden herfstlicht.


Een week geleden konden we genieten van dat bijzondere, heldere herfstweer, waarin de zon de geel en rood kleurende bladeren zo mooi uitlichtte. En dat bij een diepblauwe, wolkenloze hemel.

Ik noem dat de periode van het gouden licht, dat zien we slechts in de herfst.

In de lente is het meer het zilveren licht, dat weliswaar opwekkend en vitaliserend is, maar de visuele warmte van de lage herfstzon mist.


De (bonsai)boompjes in hun winterzandbak:





Ik houd van het melancholieke gevoel, dat de herfstzon oproept: de zomer is voorbij, de winter nadert, maar het is nog niet zo ver.




Het is deze week alweer voorbij.

Veel blad is gevallen, het is grauw, grijs en kil buiten. Veel vaste planten storten genadeloos in. 

De gouden momenten vind ik nu niet meer in de tuin.

maandag 18 oktober 2021

SPINRAG is 10 jaar oud.


Deze maand is mijn blog 10 jaar oud geworden.

Dit vier ik door virtueel een stuk zelfgemaakte “wilde” (= non-design) taart aan te bieden, passend bij een blog over een wilde tuin.

10 jaar bloggen heeft heel wat opgeleverd, meer betrokkenheid bij alles wat in de tuin gebeurt, dus beter waarnemen, meer foto’s maken. Het lezen en over en weer reageren bij medebloggers was en is heel plezierig en erg leerzaam.

Hoewel ik de laatste jaren zo ongeveer maandelijks blog, ben ik niet van plan ermee te stoppen. De tuin behoort tot de vreugde van mijn dagen en het volgen van medebloggers een dagelijks terugkerend ritueel.

Wel heb ik overwogen om wat vaker kortere blogs te schrijven met minder foto’s, waardoor ik spontaner op de gebeurtenissen in de tuin kan reageren en mijzelf niet “verplicht” een langer verhaal te produceren. Ik zie aan mijn foto’s dat ik veel blogwaardige ervaringen heb laten liggen.

Toen ik begon was ik qua leeftijd net over het midden van de zestig. Nu kijkt over vier jaar een acht om de hoek. Toch zet ik in op nog weer tien jaar bloggen.

De meeste van mijn leeftijdgenoten zijn al verhuisd naar appartementen, óók de tuinliefhebbers. Dan zie ik ze een aantal meters boven moeder aarde zitten in een keurig appartement met een aantal planten op een kleiner of groter balkon. Er komt dan een soort zwaarte over mij heen.

Als ik dan ons eigen, lekker rommelige huis met de bosachtige, wilde tuin eromheen weer zie, voel ik mij onnoemelijk bevoorrecht en meer dan gelukkig.

De tuin is mij nooit een last geweest, altijd een bron van van genoegen.

Het “werken” in de tuin heb ik nooit beleefd als werken. “Netheid” heb ik nooit als eis gezien.

Voor zere ruggen en pijnlijke gewrichten zijn handige oplossingen om het lang vol te houden. Zie mijn post  https://spinrag-zem.blogspot.com/2018/03/tuinieren-in-blessuretijd-wie-niet.html

De laatste 10 jaar wordt het reguliere grote snoeiwerk eens in de twee jaar door onze hovenier gedaan. Hij heeft begin dit jaar ook geholpen de tuin iets meer “leeftijdsbestendig” te maken.

Onze circa 700 vierkante meter grote tuin heeft een groot verval, waardoor een aantal trappen aanwezig zijn.

Door mijn zichtproblemen schat ik diepte verkeerd in, vooral bij zon en schaduw, zodat leuningen die trappen veel veiliger maakten


Ook kwam er een lichtglooiend pad naar de zijtuin, ter vervanging van traptreden. Omdat de voordeur ook slechts via traptreden te bereiken is, kunnen we nu – ooit – altijd ons huis in komen, zelfs met een rollator  ; – )


Met andere woorden: alles is erop gericht om nog lang door te gaan met de spinsels van Zem vanuit haar wilde tuin.